Zambia / Lusaka to Livingstone / You are killing us all!

‘We rijden zo langzaam omdat iemand Lusaka heeft gebeld!’ De conducteur van de bus staat op en spreekt de passagiers toe. Als reactie stijgt een gemompel op. ‘Dan heeft die persoon ons leven gered’, roept iemand van achter uit de bus. Ik ben overland op weg van Nairobi naar Zimbabwe. Na een tussenstop in Arusha en drie dagen Afrikaanse bussen verder, ben ik eindelijk toe aan het laatste deel tot de grens: De CR-bus van Lusaka naar Livingstone, de Zambiaanse kant van de Victoria Watervallen. Normaal gesproken doe je over het stuk ruim vijf uur, maar het leek er al vanaf de lancering in Lusaka op dat de chauffeur een scherpere tijd wilde neerzetten. Dat kan op de Zambiaanse hoofdwegen: strak asfalt en nauwelijks gaten in de weg. Een aantal uren leek het dat ook zeker te gaan lukken. Met knalharde lingala-muziek aan, een strakke blik op de weg, werden met soepele stuurbewegingen de concurrenten ingehaald. Licht overhellend werden bochten genomen en met uiterste precisie wist de jonge chauffeur inhaalactie na een inhaalactie de bus weer zo op de eigen weghelft te krijgen dat hij net niet de tegenligger aanraakte. Maar toen de bus begon te trillen, had iemand van achter uit geschreeuwd dat de chauffeur niet te hard moest rijden. In het Engels klinkt dat allemaal nog dramatischer: ‘Don’t overspeed! You are killing us all’.  De roeper vindt aansluiting bij een groot deel van de verontwaardigde Zambianen. Bijna alle passagiers zijn verwikkeld in een vooral luide discussie, want moest de chauffeur van de bus nu wel of niet hard rijden? En zo komt het dat we nu al bijna twee uur lang ruim 30 kilometer per uur rijden met aan het stuur nog steeds onze onverschrokken buspiloot en daarnaast zijn woordvoerder, de conducteur.Slotmachines poker ohne Geschichte und ohne Gedächtnis.

Comments (0)

Permalink

Zimbabwe / Zimbabwes stil verdriet

Ik ben weer in het veilige Nairobi inmiddels (gisteravond geland) na een reis als ‘toerist’ door Zimbabwe: via VicFalls naar Bulawayo (economisch centrum en oppositie ‘bolwerk’) en uiteindelijk het bruisende Harare. Aan de buitenkant lijkt de stad beter af dan Nairobi: dure auto’s in het straatbeeld, goed onderhouden gebouwen.

Mijn verhaal gaat anders dan wat je in veel media leest niet over de poppetjes en de spelletjes in oppositie en heersende partij maar over hoe de Zimbabwaan van middenklasse tot de aller armsten omgaat met de crisis.

Ik heb veel Zimbabwanen gesproken, diplomaten, sloppenwijken en middenklasse wijken bezocht (o.a. Mbare, waar vorig jaar bijna een miljoen mensen zijn weggebuldozerd) en waar het vuil op sommige plaatsen tot aan je knieen ligt (omdat het voor de vuilophaaldienst lonender is om de gesubsidieerde brandstof op de zwarte markt te verkopen dan naar het werk te gaan) In Mbare bivakkeren families van 15 man op 20 vierkante meter. Ik heb wijken bezocht waar regelmatig mensen verdwijnen omdat ze iets te duidelijk kritiek uitoefenen op de de Grote Man.

Ook: de enclaves van rijken die internationale hotels, waar mensen in koloniale pakjes (de tropenhelm ontbreekt) Earl Grey thee serveren in zilveren potjes en een blanke pianist zorgeloos Strangers in the Night speelt op een Steinway-vleugel.

Comments (1)

Permalink

Oeganda / De rechterhanden van Idi Amin

‘Ja, ik heb ‘m hier.’ De eigenaar van de bar/kiosk in Koboko haalt van onder de houten toonbank een video-cd. Naast The Fugitive en andere kaskrakers staat rechtsboven The Last king of Scotland. ‘Die heb ik kunnen bemachtigen hier verderop bij een vriend.’ Op een uur rijden van Arua, de geboortestad van Idi Amin, ligt het dorpje Koboko: een soort wildwest-stadje zonder whisky, zonder saloons met klapdeuren en zonder sherrif. Paarden zijn hier brommers en je verwacht ieder moment dat vanachter één van de houten shops De Daltons het straatbeeld inlopen. Je voelt gewoon dat je met de zuurstof en het stof ook wat mysterie ademt. Koboko ligt dicht tegen de grens van Kongo en niet ver van de grens met Zuid Soedan. Op het gedempte verzoek of het misschien mogelijk is om in contact te treden met nabestaanden of mensen die ons in contact kunnen brengen met, komt een bevestigend knikje…..Een paar colaatjes verder stapt een drietal mannen op leeftijd onze schemerige wachtruimte binnen…. Een van hen vertoont wel een heel opvallende gelijkenis met Amin…

Comments (1)

Permalink

Oeganda / Naar Kampala

Reizen in Afrika doe ik als het even kan met de bus. Verhongeren doe je niet: onderweg wordt vaak gestopt en dan bieden zich allerlei handelaren aan met etenswaar: fruit, koekjes en pinda’s. Oeganda is beroemd om de maindi, geroosterde lever. Via een korte stop in Kampala is het uiteindelijke reisdoel Arua, de geboortestad van Idi Amin. Ik ben benieuwd naar de reacties van mensen daar op de film The Last King of Scotland. Bijgaand een geluidsinpressie opgenomen vlak voor en tijdens vertrek in Antonio’s Bar. Het eerste dat je hoort, is de stem van de omroeper die bestemmingen noemt van de vertrekkende bussen. Naar Akamba Antonio\’s naar Kampala

Comments (0)

Permalink

Mozambique / Chinese gelei en groei op Lenin Avenue

En natuurlijk: de Chinezen, ook hier, ze zijn er. China was één van de eerste landen waar Mozambiques nieuwe president vorig jaar op staatsbezoek ging. ‘Je ziet ze niet in Maputo, maar ze zijn er wel degelijk’, liet een Mozambikaan me weten toen ik naar Chinezen vroeg.

En inderdaad, ik kreeg ‘ze’ te zien: in het hartje van Maputo, op Lenin Avenue vond ik in één van de hoogste gebouwen, herkenbaar aan de enorme China-rode lantaarns op de gevel een enorme Chinese supermarkt met alleen maar Chinese levensmiddelen: van noedels, via thee naar een soort wodka-flessen en een vaag product op de foto hieronder: schitterende verpakking maar naar de inhoud bleef het gissen.

Ik vond geen enkel Westers teken op het pakje: alles was in Chinees, laat dat nou net een taal zijn die ik niet spreek. Niets aan de hand: in mijn beste Portugees vroeg ik aan één van de Mozambikaanse winkelbedienden naar de inhoud. De glanzend zwarte ogen van de alleraardigste dame bewogen van mij, naar de verpakking en weer naar mij. Ze staarde me seconden aan: haar mond viel open, natte lippen, de tong eruit, ik kreeg hoop, maar ze bleef sprakeloos en begon vervolgens te proesten van het lachen.

Daar sta je dan in een situatie waarin ik aan een paar Mozambikaanse winkelbedienden die nog Engels, noch Chinees spreken, in mijn beste Portugees, dat ik niet spreek, probeer uit te leggen dat ik graag wil weten wat dit aantrekkelijke Chinese pakje in de Chinese supermarkt mij, geïnteresseerde koper, probeert te vertellen.
De beslist vriendelijk lachende Chinezen in de shop konden mij noch hun Mozambikaanse collega’s uitleggen wat de inhoud van het pakje was omdat ze maar één taal spraken: Inderdaad: Chinees. Dus ik kocht het pakje. De inhoud bestaat uit een op te zuigen substantie die het midden houdt tussen gelei en iets sap-achtigs met een fruitig smaakje.

Comments (0)

Permalink

Welkom

Beste mensen,

Vanuit een koud Nairobi welkom op mijn Nederlandstalige Blog. Hier zal ik proberen met regelmaat een posting te doen in het Nederlands zoals ik dat al ruim een jaar doe op onderstaand Engelstalig blog. Ik vermeld er nog even bij dat het weblog momenteel nog niet helemaal op ’sterkte’ is. De meest regelmatige postings zal ik voorlopig op de Engelstalige weblog blijven doen: http://blog.africareporter.net Een goede groet! Arjen

 

Comments (0)

Permalink

 

Comments (1)

Permalink